De impact van de woorden: ‘We kunnen niks meer voor u doen’ ☠️
Ik had een mooie tekst klaar voor de Dag van de Huisarts die ondertussen al een week achter ons ligt. Het beroep van de huisarts anno 2024 is zoals vele zorgberoepen zwaar ondergewaardeerd. In mijn schrijven legde ik de nadruk op zelfzorg voor de huisarts en het recht van de arts om meer grenzen te gaan stellen naar de steeds meer veeleisend wordende patiënt in de huisartsenpraktijk. Na opnieuw enkele ontmoetingen met patiënten en hun naasten – het beluisteren van hun vaak schrijnende verhalen en gebeurtenissen die ze ervaren in ziekenhuizen en artsenkabinetten – besloot ik om een andere, meer importante boodschap neer te pennen.
 
Er zijn nog zoveel specialisten die al te vaak hardnekkig gaan doorbehandelen zonder hierbij rekening te houden met de wensen en de levenskwaliteit van hun patiënten. In een palliatieve setting, ja, zelfs in een terminaal stadium worden deze zwaar zieke, bijna stervende mensen naar huis gestuurd met de betekenisloze boodschap: ‘We kunnen niks meer voor u doen’. Dit, zonder dan ook maar enige informatie over palliatieve- en levenseindezorg.
 
Heel wat huisartsen nemen de hulpvraag van zorgpersoneel in woonzorgcentra nog steeds niet au sérieux. Wanneer een zorg- en/of verpleegkundige een arts contacteert, neem dan van mij aan dat deze hulpverleners weten waarover ze praten en de bewoner effectief hulp van een arts nodig heeft. Ja, ook in een palliatieve en/of terminale setting. Ja, ook na de kantooruren. De telefoon neerleggen en het weigeren van hulp gaat in strijd met de eed waarin men zich als arts verplichtte om bepaalde beroepsregels te zullen handhaven.
 
Onlangs ging ik een boek – inclusief boodschap (zie afbeelding 2) – overhandigen op de consultatieafdeling van een oncoloog. Deze actie kwam er na overleg met de familie van een patiënt. Met een kluitje in het riet (lees: ‘Ik kan niks meer voor jullie doen’) werden ze door de arts die hen al jaren kende naar huis gestuurd. De zwaar zieke patiënt besloot zelf dat het genoeg was, dat er amper nog levenskwaliteit was en dat ze de chemobehandeling wou stoppen. De patiënt had nog zovele vragen voor de arts. Er was een euthanasiewens, maar de specialist waande zich doof voor deze woorden en de arts kon de moed niet vinden om ook maar enige informatie te bieden omtrent palliatieve- en levenseindezorg. Zelfs een consultatie van een palliatief supportteam in het ziekenhuis werd niet aangeboden. De familie ging thuis te midden van al hun miserie zelf op zoek naar hulp. Ik vraag aan deze artsen nu luidop: “Is dit hoe we vandaag mensen die ongeneeslijk ziek zijn gaan behandelen?”
 
Neen, ik wil niet in strijd gaan met artsen. Samenwerken, ja heel graag. Ja, ik heb het grootste respect voor jullie expertise. De artsen die mij persoonlijk kennen als verpleegkundige weten dat maar al te goed. Ja, ik wil wijzen op jullie functie als eindverantwoordelijke in de behandeling van de patiënt en daar hoort palliatieve zorg in geval van ongeneeslijk ziek zijn een belangrijk deel van uit te maken. De vraag lieve dokters: ‘Waarom zie ik dit dan steeds minder vaak gebeuren in de praktijk?’
 
Ik vermoed dat mijn kortdate pleidooi – moge ze een boodschap zijn van algemeen nut – meer dan pijnlijk duidelijk is. Voor alle artsen die moedig en professioneel het pad van zwaar ziek zijn tot het einde bewandelen met hun patiënten heb ik het grootste respect. Geef jullie waardevolle kennis, expertise en wijze van menswaardige zorg door aan de volgende generatie artsen. Jullie maken het grote verschil.